Poëzie op woensdag, dl.13

Eigenlijk ben ik niet zo van de politieke statements. Maar dat wil natuurlijk niet zeggen dat ik geen mening heb over het een of ander. Er is niet veel wat me nog kan verrassen, nog minder wat me koude rillingen kan bezorgen, maar wat me heel erg doet schrikken en me heel ongemakkelijk doet voelen, dat zijn de meldpunten die opeens als paddestoelen uit de grond lijken te schieten. Ik wil hier geen paranoïde theoriën ontwikkelen of dergelijke scenario’s opbouwen, maar wat ik wel wil zeggen is dat het mijn maag doet krimpen, dat ik er misselijk van word en ook een beetje bang, en dat ik denk dat we met z’n allen waakzaam moeten zijn omdat vrijheid niet vanzelfsprekend is.

Ik vond het volgende gedicht van Günter Grass en vond het heel toepasselijk om dit duidelijk te maken.

Controle

Uitstappen moesten we allemaal,
onze koffers met sleutels openen
en laten zien wat binnenin gebeurt:

de knoop in de handdoek losmaken,
bewijzen dat de schoenen schoenen zijn,
drie linkerkousen, twee rechts.

Een boek, zonder opdracht verdacht.
Waarom zijn de zakdoeken
zo onregelmatig bestikt?

De kam lieten ze gonzen: ze namen het op.
De tandenborstel moest beloven
wat onze tong verzwijgt.

En toch hadden we geluk: ons hart
lag tussen de hemden
en rook onschuldig naar zeep.
(Ook had niemand gemerkt dat we
de tabak in dun papier rollen,
dat tabak, tot sigaret gedraaid,
ginds meteen – als rook – hun vesting verraadt.)

(bron: De vrijheid verteld, verhalen en gedichten voor Amnesty International, Meulenhoff, 1996)

De langste duurloop

Afgelopen zondag was het de halve van Sluis. Een bijzondere dag. Een stap verder in richting NY. Achteraf had ik geen problemen met mijn benen of wat dan ook, gelukkig. Maandag een klein herstelloopje, vrijdag 10 km, daartussen rust. De zondag, dat wil zeggen de zondagochtend, is mijn favoriete dag voor een lange duurloop, maar dan werkelijk gemoedelijk, een soort wellnessrun, met kleine ingebouwde stops om te drinken, te eten, te kijken, te fotograferen…
Continue reading

Poëzie op woensdag, dl.12

Chawwa

Op twitter had ik aangekondigd dat ik iets moois ging beleven. Dat was niet zo. Ik heb er nog geen woord voor gevonden hoe en wat het dan wel was, maar mooi is niet genoeg.

De dag van vandaag was mooi, het weer was mooi, ook toen ik op weg was naar de stad, op weg naar de Drvkkery waar vanaf 16.30 uur de boekpresentatie van de nieuwe gedichtenbundel van Chawwa Wijnberg zou plaatsvinden.


Ik beleefde poëzie live, voorgedragen door Chawwa zelf met haar prachtige stem. Nu was ik wel van tevoren gewaarschuwd, enigszins, wat haar stem aanging, want op haar site kun je o.a. naar een interview op de radio luisteren, maar in het echt, in het echt is alles anders, intenser. Ik had vanaf het eerste voorgelezen gedicht kunnen janken, en dat heb ik niet vaak, dat overkomt me eigenlijk alleen maar als ik naar klassieke muziek luister. Maar vandaag in de Drvkkery was dat wel zo, hoewel de sfeer juist vrolijk en luchtig was, de lente die buiten zo uitbundig aanwezig was, was ook binnen te bespeuren, en dan nog…

Nu zit ik thuis. Uiteraard heb ik haar bundel gekocht. En enkele foto’s gemaakt. Ik heb haar werk (schilderijen en kistjes) als beeldend kunstenares bekeken. Alles werkt nog in mij na. Alles ontroert me nog steeds. Met een kus van haar, een opdracht in mijn boek met een kleine tekening en een uitnodiging ‚kom je op de koffie?‘ heb ik voor vandaag afscheid genomen van Chawwa.

Ik heb aan haar gevraagd of ik iets op mijn blog mocht zetten, en ja dat mocht.

Dus hier een gedicht van Chawwa Wijnberg (helaas zonder geluid) uit haar bundel ‚Nachtvlinders door het kattenluik‘

Wie kan

Wie kan een woord, een zin
zo hoera versieren
dat er een gedicht ontstaat`
een zwart gat beroeren
zodat een nieuwe sterrenhemel
flonkert
en als we toch bezig zijn
door alle beton
nieuwe grassen bloeien
bij jou en ook bij mij
in onze eigen straat
en alle bewielde dingen
even stilstaan en zacht
zingen
en katten spreken
en eindelijk van andere planeten
ruimtewezens ons komen leren
dat het alleen om liefde
en om vrede gaat.

Poëzie op woensdag, dl.11

Vanaf het moment dat ik met ‚Poëzie op woensdag‘ begon, dacht ik erover na hoe ik het voor mekaar kon krijgen om te beschrijven waarom en in hoeverre poëzie voor mij te maken heeft met hardlopen. Ik wou zo graag in beelden of woorden kunnen vatten hoe het voelt om in de vroege ochtenduren door de natuur te rennen, met al je zintuigen op scherp. Hoe het voelt om op deze stille momenten alles om je heen in je op te nemen en je meer dan anders verbonden te voelen met alles. Ik wou laten zien dat hardlopen zoals ik het begrijp niets te maken heeft met haasten en de mooie dingen op je weg voorbijrennen, integendeel.
En terwijl ik nog zoekende was zag ik het volgende filmpje van Jan, gemaakt tijdens een JKM (Jan Knippenberg Memorial) trainingsloop van 81 km tussen Zandvoort en Den Helder… en toen wist ik dat ik het verband had gevonden, de poëzie van het hardlopen oftewel hardloperspoëzie zoals ook ik ze waarneem. Poëzie in beelden en muziek. Met dank aan Jan.

Vooruit (voor G. en F.)

Lieve G. en F.

Vandaag zijn we eindelijk nog eens naar Gent geweest. Het was alweer veel te lang geleden. We begonnen zoals altijd in het mooiste café ter plekke en gelijktijdig kunstencentrum Vooruit. Na de lange reis vanuit Zeeland waren we allebei toe aan een lekker koffietje en een laat ontbijt. Het was vijf voor half twaalf, en het was nog opvallend stil en leeg in het café. Snel hadden we door dat we ons nog even in geduld moesten oefenen, de keuken ging om half twaalf open. Even later stroomden de studenten binnen en werd het behoorlijk druk. Om je eten te kunnen bestellen moest je in de rij gaan staan. En wat was het weer genieten van de overheerlijke broodjes met salade, van een zalige koffie, van de sfeer die eigenlijk niet te beschrijven is… en dat alles met op de achtergrond muziek van Billie Holiday. Heel even dacht ik terug aan die tijd dat ikzelf studente was en samen met mijn beste vriendin bij café ‚Böhnchen‘ in Keulen zat. We hadden toen nog geen aaiphones, geen netbooks, laptops wat dan ook, we zaten gewoon lekker met elkaar te praten met twee reuzachtige Latte macchiato op tafel.
Vandaag was het geen dag om buiten te zitten, geen terrasje dus, geen Prosecco in het zonnetje, maar een bezoek aan het Stadsmuseum en slenteren door de straten van Gent. Phulkari was dicht, helaas, juist op dinsdag, maar ik was er toch even en heb de mooie dingen in de etalage bewonderd.

Dat wou ik jullie gewoon even vertellen. En ik weet dat jullie het lezen, aan het andere einde van de wereld.

Zo’n dag dus

Het is zondag.
Het is lente.
De zon schijnt.
Ik heb een heerlijke duurloop van 17 km achter de rug.
Ik heb genoten van iedere stap, van iedere meter.
Het is een dag met een gouden randje.
Zo’n dag dus.

Boekenfeest

Vandaag en morgen is het boekverkoop in onze bibliotheek, een gebeurtenis dat twee keer per jaar plaatsvindt, een keer in het voor- en een keer in het najaar. De belangstelling is altijd enorm. Je moet er op tijd bij wezen. Maar het is vooral gezellig. Dat rondneuzen, zoeken, dringen, vinden, aarzelen, weer terug leggen, opnieuw zoeken inmidden van een geordende chaos is een klein avontuur.

Natuurlijk heb ik thuis eigenlijk geen ruimte voor nog meer boeken. Dat probleem kent waarschijnlijk iedereen met een passie voor boeken. Maar eventjes rondkijken moet ik gewoon. Vandaag vond ik deze twee (zie foto). Het kleine boekje bevat de complete gedichten van P.A. de Génestet, Wereldbibliotheek, Amsterdam, 1934. En ja, altijd op zoek naar een gedicht voor mijn ‚Poëzie op woensdag‘ kon ik dit boekje absoluut niet laten liggen. Het tweede boek is van John Gay ‚London observed‘, Michael Joseph, London, 1964. Met adembenemende zwart-wit foto’s, een handgeschreven opdracht voor een familie die in de zomer van 1966 in London op vakantie is geweest en met bovendien 2 oude postkaarten van het British Museum en de Tower of London die er als bladwijzer en/of souvenirs tussen zaten. En daar word ik dan gewoon blij van.

En kijk dan, kijk… wat een foto’s!